Oktober


In het oude sprookjesbos
warrelen witte draden in de herfst,
pakken en verkleven wie er toevallig in belandt.

In het oude sprookjesbos
krioelen witte draden ondergronds.
In één nacht schieten de kabouterhuizen op.

Over het pad tussen de bomen lopen,
kromgebogen, de oude prinses
met haar valse gebit, en de prins
met sneeuwwit haar.

Zijn paard is hij al eeuwen kwijt,
maar het regent gouden penningen
om hen heen, ze leven nog

lang en gelukkig.

Anne van Rooijen